HAVANNA AAN DE RIJN
COMMUNISTISCHE TERREUR
-door Getergde Terriër-
ARNHEM – Het grote debat op maandag 25 januari over de grote moskee die islamieten willen bouwen aan de Rosendaalsestraat in de volkswijk Klarendal kreeg vooraf al een bitter smaakje. Tijdens de pauze die aan dit lang gevreesde debat voorafging maakte Klarendaller Jip G. de aanwezigen opmerkzaam op een vreemde verhouding: “Tijdens de laatste gemeenteraadsverkiezingen hebben meer Arnhemmers niet gestemd dan wel. Wat is uw mandaat, wat is uw legitimatie?” Er volgde een groot zwijgen!
De Klarendaller liep daarop naar de achterkant van de publieke tribune om te staan; in zijn hand zijn wandelstok waaraan onze nationale driekleur gebonden, een handzaam formaat zo. De vierenzestigjarige hartpatiënt is ook hardhorend, zodat staan een betere verstaanbaarheid garandeerde.
Jip G vertelt: “Ik stond daar een aantal minuten, toen ineens een parmantige zaalwachter mij sommeerde de stok te verwijderen. Ik zei hem dat de vlag aan een stok hoort: “En déze stok hoort bij déze vlag!” De zaalwachter beval mij de stok aan de kapsok te hangen. Bijgestaan door een buurtbewoner gaf ik van katoen! “De Nederlandse vlag verbieden in een raadszaal, de zaal van, voor en door het volk? Over mijn lijk!” Uiterst beheerst richtte ik mij weer op de zaal. (Een ander drapeau dan het mijne viel in de zaal niet te ontdekken! Ziet men daar liever het rode banier met hamer en sikkel?) Bij een voorafgaand moskeedebat was het dik bezaaid met spandoeken en borden, dus mijn vlag was nu de enige frivoliteit die ik zag.”
“’Meneer, ik gelast u…!’ Ik schrok mij wild want ik was de kerel al vergeten; ‘Dan zult u mij er ook moeten uitzetten!’ En zowaar, waar men anders radeloos smacht, hier a la minute recherche en agenten paraat!”
“Nadat de hoofdman zich bliksemsnel had gelegitimeerd volgde meteen het razende geweld een Balkancrimineel waardig! Want als het echt moet dan vertoont Hermandad graag zijn handigheden. Waar eerder in het Vaderland moest een patriot de Nederlandse Driekleur verdedigen tegen politie – men ziet: in het exotische Havanna aan de Rijn is niets te dol. Heldhaftige weerstand werd in overmacht gesmoord. Onder luid protesteren werd Jip ontvoerd! Buiten de zaal volgt nogmaals een worsteling, een weerstand ons drapeau waardig. Helaas, mijn hart functioneert niet optimaal dus ik raak snel buiten adem, maar voor het zover was heb ik zo hard geschreeuwd, dat buiten, de hoofdman vroeg: “Schreeuw je altijd zo hard!” Ik kan niet nalaten te schreeuwen: “JA, WANT IK BEN BIJNA DOOF!” In een hoek gedreven voelde ik de handboeien zich in mijn polsen sluiten, een venijnige pijn, waarvan de blauwe plekken een dag later nog goed zichtbaar zijn – haast relikwieën.”
Buiten maar liefst acht agenten en twee politieauto’s. Jip zag dat verder verzet machteloos was en liet zich willoos meesleuren naar de arrestantenauto, met brandende polsen op naar het aanpalende politiekantoor. Zijn enige vraag in de auto: ‘Jullie zijn zeker van de PvdA?’ Als ging het om kostbare buit, zo gretig werd Jip afgevoerd. Jip G: “Ik was wat beduusd van het brute politiegeweld, maar een rechtgeaard Nederlander is dan beslist niet verslagen, want de strijd bleek nog niet gestreden. In de visitatieruimte werd ik hard tegen de grond gewerkt, en enthousiast door een paar stevige dienders op mij onder druk gehouden. Ik zie een schoen door de lucht vliegen, maar de noodzaak ontgaat me nog. Ik merk dat Hermandad hier huishoudt omdat men thuis is. Excessief geweld, waarbij mijn hart bonkt. Ik laat mij willoos naar een cel slepen en wordt op de koude harde vloer achtergelaten. Ik besluit hun werk niet te corrigeren en blijf zo liggen zonder een vin te verroeren. Langzaam dringt tot mij door met wat voor geweld mijn vrijheid beknot is.”
“Welk een schril contrast met april 2009, toen een bende onvolwassen negers mij tot driemaal toe belaagde, en ik in de winkel waar ik de politie mocht bellen te horen kreeg: ‘Meneer, ik heb niemand beschikbaar. U zult het zelf moeten oplossen.’ Dan kun je maar beter politie bij de hand hebben! Zeker, ordeverstoring door het tonen van de vlag dient ferm bestraft, want met de EU op de loer is atavisme uit den boze. Wie laag staat zoekt het licht hogerop.”
“De politie bleek met mij in haar maag te zitten, maar dat merkte ik pas in de ochtend – mijn nacht op de harde brits waarop ik na een uur gesleurd werd, was martelend, want met de rijkelijke kwetsuren en barstende koppijn aangemoedigd door een schel plafondlicht, leek de tijd stil te staan – een ervaring die ik graag had willen missen. Laat in de avond kwam een arts langs, waarmee ik kort sprak. Hij zou mijn partner bellen, die allang sliep. En inderdaad, ’s ochtends wisten de heren mijn naam!”
“In de ochtend verschenen er steeds meer ploegjes politiemensen, die steeds vriendelijker werden, dit in tegenstelling tot mijn woede. Mijn enige reactie was: ‘Ik ben politiek gevangene!’ Op al hun aanbiedingen volgde slecht deze kwalificatie. Om de communistische terreur te ondermijnen besloot ik tot de drastische stap der mentale contraterreur: Ik kleedde mij spiernaakt uit. Buiten vroor het tien graden, en dat leek in de kleine kale kille cel in al haar naaktheid net zo – zo was ik toch nog solidair met mijzelf! De communisten kwamen met een tegenzet! Ze smeten mij in een killere cel! Ik vroeg mij af of ik niet met vuur speelde, immers, naakt verdraagt men niet lang temperaturen onder vijftien graden en mijn hart functioneert niet meer optimaal. Maar als mijn vader aan de Grebbeberg het Vaderland verdedigen kon, dan geef ik mijn lijf veil voor onze schitterende vlag! Af en toe schreeuwde ik: ‘Dictatuur!” of “Communistische terreur!” in de hoop hen te gerieven.”
“Trillend als een espenblad lag ik vastberaden op de koude brits; wat met geweld binnengesmeten wordt is men zo snel niet kwijt. Ik was ook in eet- en drinkstaking. Hilarisch haast om dan te horen: ‘Meneer G, u bent vrij man, u kunt zo gaan!’ Ik persisteerde!”
“Laat op de middag verscheen een Molukse arts. Ze was heel bezorgd, en controleerde bloeddruk, hartslag en pols, en zowaar, ik kreeg een deken. Wat later stond als bij toverslag een delegatie van de Gelderse Roos in de cel – thuis was het zelden zo druk! Ze hadden bewondering voor mijn kordaatheid, woede en vasthoudendheid, maar ik bleef koel berekenend. Ze hielden mij alternatieven voor: desnoods naakt buiten de poort gegooid worden – die uitdaging wilde ik wel op merites bekijken – of opname in een psychotische kliniek. Maar de impasse werd doorbroken met de mededeling dat ik nog geen medicijnen ingenomen had, en ook dat ik aan mijn maximale rendement zat – verdere strijd levert niet méér op. De dreiging vroeg op de ochtend, ‘Nou, dan kom ik vrijdag nog even bij je langs!’ was voos. Ik heb twintig uur vast gezeten, veel te kort voor bravoure, maar lang genoeg om te weten hoe de rode terreur werkt! Ik weet nu niet alleen hoe excessief geweld eruit ziet, maar ook hoe het voelt: kort maar krachtig.”
“Mij is op een schandalige manier mijn democratisch functioneren verkracht en bewegingsvrijheid ontnomen, maar reken maar dat VVD burgermeester Pauline Krikke goed op onze veiligheid let. En dat is ook wat waard! Het ergste vind ik nog dat ik onwetend ben over het lukken of mislukken van de snode plannen van de vuige islamisten – dáár was het mij om te doen, maar in de haast was ik dat bijna vergeten!”
Reageren kan op: www.joostniemoller.com


