Linkse onderbuikconclusies over de publieke omroep
MARCEL VREEMANS - 12 MEI 2008Afgelopen zaterdag in de bijlage van het NRC Handelsblad de resultaten (hier) van een onderzoek naar de “talking heads” op de publieke televisie. TV recensent Hans Beerekamp heeft drie maanden lang bijgehouden wie er in de programma’s Nova, Netwerk, EenVandaag, Buitenhof, Het Elfde uur, Pauw en Witteman en De Wereld Draait Door als gast verschenen en heeft ze naar kenmerken ingedeeld. De kenmerken die hij hanteerde waren politieke oriëntatie, geslacht, beroepsgroep en leeftijd. Hij komt o.a. tot de conclusie dat de publieke omroep niet links is. Hans Beerekamp komt in zijn artikel niet alleen tot enkele betwistbare uitspraken, maar ook tot opmerkelijke conclusies, die veel te gehaast zijn getrokken en waarbij eerder sprake is van “naar het resultaat toewerken”. Hoewel het niet de bedoeling is om meteen de integriteit van Beerekamp in twijfel trekken, lijkt een groot gehalte “de wens is de vader van de gedachte” hem toch wel parten te hebben gespeeld. In dit artikel een reactie, waarin kritische kanttekeningen worden geplaatst bij zijn uitspraken en gevolgtrekkingen. De door Hans Beerekamp onderzochte programma’s worden voor het overgrote deel gepresenteerd door linkse journalisten die lang niet allemaal zo onafhankelijk en integer opereren als wel eens wordt voorgespiegeld. Vaak gedragen zij zich ook als talking head met een duidelijke opinie. Bovendien zijn zij gehaaid en in staat een draai aan een gesprek te geven waarbij de gast in het defensief wordt gedrukt. Wie Matthijs van Nieuwkerk een beetje kent weet hoe hij uit kan pakken tegen mensen als Andries Knevel, Harry Mens en Rita Verdonk. Hij interrumpeert ze vaak en brutaal en heeft duidelijk een doel voor ogen met zijn interview. Van echte nieuwsgierigheid is dan geen sprake. Tegen Harry Mens zei hij ter afsluiting van een interview ooit eens hardop en geheel zonder reden: “toch leuk dat u er was”. Krijgt van Nieuwkerk echter gasten met een meer “passende” kleur dan is hij heel wat minder kritisch en laat hij zijn gasten meestal rustig uitpraten. De klasse, charme en uitstraling van Matthijs van Nieuwkerk strooien te veel zand in de ogen van de Nederlandse kijker, de TV criticus vaak niet uitgezonderd, maar mensen met meer distantie en bedrevenheid in het debat doorzien de trucjes die hij hanteert. Een bijzondere plaats wordt nog ingenomen door de omroepen met een wettelijke plicht tot neutraliteit en pluriformiteit, zoals de NOS, de NPS en RNW (Wereldomroep). Maar ook daar blijkt met regelmaat een voorkeur voor onderwerpen, die men gewoonlijk omschrijft als “de stokpaardjes van links”. En ondanks vele beloften weigeren deze omroepen inzicht te verschaffen in de manier waarop neutraliteit en pluriformiteit worden waargemaakt. Ondertussen laten hun journalisten en programmamakers zich via weblogs, columns en praatprogramma’s wel steeds vaker horen en gedragen ook zij zich als talking head met één belangrijke overeenkomst: de afkeer voor alles wat zich rechts van Hans Dijkstal beweegt. De schorsing van RNW journalist Rutger van Santen, vanwege flagrante schending van de neutraliteit, staat heus niet op zichzelf. En over de NOS zei zelfs publieke omroepvoorzitter Harm Bruins Slot enkele maanden geleden nog: “De journalistieke onafhankelijkheid is de afgelopen jaren te veel als schild gebruikt om de discussie over de pluriformiteit te vermijden". Het eigenlijke en echte probleem dat de publieke omroep treft is niet zozeer het aanwezige linkse geluid, maar het gebrek aan tegengeluid. Voorheen meer rechts-liberale omroepen hebben hun ideologische veren volledig afgeschud en zijn geen vertolker meer van het rechtse geluid. Niet voor niets riep (wederom) Harm Bruins Slot ruim een jaar geleden in wanhoop: “waar zijn de nieuwe Jaap van Meekrens, waar zijn de nieuwe Wibo van der Lindens?”. Maar zolang het omroeplidmaatschap nog een razend impopulair product blijft en er ook geen enkel initiatief wordt genomen tot de oprichting van een heuse rechtse omroep, zal het tegengeluid ook afwezig blijven. Een analyse waar Hans Beerekamp geheel aan voorbij gaat. De huidige opzet van het publieke bestel is achterhaald en kent nauwelijks nog zelfcorrectie, vooral omdat burgers (het lidmaatschap van) de omroepvereniging niet meer zien als DE manier om je (politieke) stem in Hilversum te laten horen. Wat overblijft zijn omroepen, met steeds minder binding met hun achterban, die op elkaar zijn gaan lijken en zich overwegend aan de linkerkant van het politieke spectrum begeven. Als je bedenkt dat er drie belangrijke tegenwerpingen zijn die niet in het onderzoek zijn meegenomen, te weten: de rol van presentatoren en redacties, het belang van veel andere programma’s en de zeer kwestieuze indeling van de neutrale gasten, dan kun je toch gerust spreken van broddelwerk. En als je dan ook nog bedenkt dat meerdere omroepbestuurders in de afgelopen jaren openlijk en serieus grote vraagtekens hebben geplaatst bij de aanwezigheid van voldoende rechts tegengeluid op radio en televisie (Harm Bruins Slot, Ton van Dijk, Joop Daalmeijer, Gerard Timmer en ook de nieuwe bestuursvoorzitter Henk Hagoort) dan wordt toch duidelijk dat dit onderzoek zeker niet het laatste woord kan zijn. Nog een andere vraag die mij bezighoudt is: waarom deed Hans Beerekamp in De Wereld Draait Door een vooraankondiging van zijn artikel in het NRC Handelsblad? Dit soort dingen zijn nooit toeval, daar loop ik te lang voor mee. De redactie moet op de hoogte zijn geweest van de uitkomsten van het onderzoek en maakte er een item van om het flink onder de aandacht brengen. Dit was een buitenkansje om af te rekenen met de rechtse onderbuik, toch? U denkt toch niet dat Hans Beerekamp daar had gezeten als was gebleken dat de publieke omroep er zelfs in zijn onderzoek als links uitkwam? Heeft Hans zelf het programma opgebeld? Hoelang van tevoren was dat dan? Nu ben ik wel heel cynisch,maar heeft Hans soms ook anderen van tevoren op de hoogte gebracht? Heeft hij misschien onbewust zelfs de resultaten van zijn eigen onderzoek beïnvloed? Questions, questions…ze blijven maar terugkomen. De publieke omroep heeft het onderzoek naar de linksheid (en overige pluriformiteitskenmerken) al weer afgeblazen. Het zou te complex en te duur zijn. Vooral dat laatste is heel pikant als je beseft dat er wel tientallen miljoenen euro worden uitgetrokken voor de voetbalrechten - die evengoed aan de markt kunnen worden gegund - maar dat er geen geld is voor een onderzoek naar zo’n beetje de belangrijkste opdracht van de publieke omroep, verwoord in artikel 13C van de Mediawet en bekend onder het populaire adagium: “van ons allemaal, voor ons allemaal”.
|
|


